Twee drinkschalen met voorstellingen van de vier elementen en de vier seizoenen, 1604 en 1606, Nicolaes Adriaensz de Grebber, Rose-Marie en Eijk de Mol van Otterloo Collectie
Theekist, 1776, Dirk van de Goorberg, Particuliere collectie. (foto Albertine Dijkema, Amersfoort)
Kleine Roemer, 1609, Kristyaen van Borselen, Particuliere collectie. (foto Albertine Dijkema, Amersfoort)
Delft 27 maart 2020 - 23 augustus 2020

Zilver

Museum Prinsenhof Delft - In het voorjaar van 2020 presenteert Museum Prinsenhof Delft een omvangrijk overzicht van Delfts zilverwerk uit de 17de en 18de eeuw. Onder de titel Zilver. Meesterstukken van Delftse zilversmeden 1590-1800 zijn 80 topstukken uit de bloeiperiode van de Delftse zilversmeedkunst te zien: pronkstukken als nautilusbekers, drinkschalen en speciale tafelstukken uit de 17de eeuw, maar ook spektakelstukken voor de thee- en tafelceremonie en kostbare toiletserviezen uit de 18de eeuw.

Tijdens de Opstand vluchtte Willem van Oranje in 1572 naar Delft. Dit had grote gevolgen voor de stad. Een aantal vooraanstaande zilversmeden uit Antwerpen kwam in zijn kielzog mee naar Delft, want waar het hof was, daar waren de opdrachten. Het strak georganiseerde Delftse zilvergilde kon nu op topniveau gaan produceren. Vanaf het einde van de 16de eeuw tot en met halverwege de 17de eeuw werden in Delft absolute topstukken gemaakt.

Zilver markeert de grote gebeurtenissen in het leven, geeft duiding aan het sociale verkeer en verbindt generaties met elkaar, tot de dag van vandaag. Centraal in de tentoonstelling staat dan ook de sociale functie van de getoonde voorwerpen. Waarom werden deze stukken gemaakt? Waarom had de Nederlandse burgerij zoveel geld over voor deze spektakelstukken? Wat wilden ze ermee illustreren en hoe leidde dat tot de ongekende opbloei van het ambacht in Delft? 

Zilver. Meesterstukken van Delftse zilversmeden 1590-1800 is te zien vanaf 27 maart t/m 23 augustus in Museum Prinsenhof Delft. Klik hier voor meer info.